Verdieping Jouw plek claimen als creatief in de stad? Zo pak je dat aan
Een creatieve hotspot in de stad, opgericht voor en door makers. Dat zorgt voor werkplekken, prettige reuring en het maakt een gebied als geheel vaak aantrekkelijker. Maar hoe richt je zo’n plek op, en claim je als creatief je plek in de stad? Initiatiefnemers Bas de Vries (NYMA makersplaats) en Charlotte Ernst (Hof van Cartesius) delen hun lessen.
Een werkplek die je precies zo kunt inrichten en gebruiken als jij wil, met andere creatieven. Je droomde er misschien al eens van. Maar, hoe organiseer je zo’n plek? De ruimte in steden wordt steeds schaarser. Bestaande ateliers en broedplaatsen zijn vaak vol en hebben lange wachtlijsten. En de kosten voor ander soort vastgoed is torenhoog. Maar er zijn ook kansen. Er staat namelijk veel leeg in onze bebouwde gebieden: oude fabrieken, winkelpanden, kantoren en zelfs verlaten industrieterreinen. Plekken waar een projectontwikkelaar geen brood in ziet, maar die kunstenaars en makers om kunnen bouwen tot bruisende, kunstzinnige broedplaatsen. Waarmee ze niet alleen meerwaarde creëren voor zichzelf, maar ook voor de buurt en stad daaromheen.
Klinkt herkenbaar? Je hoeft het wiel gelukkig niet helemaal alleen uit te vinden. Er zijn namelijk volop creatieven die je succesvol voor gingen. Deze makers gingen daar serieus mee aan de slag. Bottom-up. Ter inspiratie lichten we er twee uit. Lees je mee?
Hof van Cartesius in Werkspoorkwartier, Utrecht
Van rauw terrein naar populaire urban hotspot
Charlotte Ernsts plan voor een creatief, circulair en collectief ecosysteem kwam voort uit een sterke, intrinsieke drijfveer. Als stedenbouwkundige werkte ze regelmatig mee aan projecten die niet gerealiseerd werden of niet samen met mensen ontworpen. Dat wilde ze anders doen. Dus toen gemeente Utrecht ruim tien jaar geleden plannen had om het Werkspoorkwartier te herontwikkelen tot creatief maakgebied, en een open call uitschreef voor een braakliggend terrein langs het spoor aan de Vlampijpstraat, schreef Charlotte in. Inmiddels huizen er 120 ondernemers uit de creatieve sector in 9 gebouwen rondom 5 collectieve tuinen, en is de grond grotendeels in eigendom van de coöperatie het Hof van Cartesius.

“Mijn basisvoorwaarden waren helder. Maar je hebt ook te maken met al die andere partijen, zoals de gemeente, een investeerder en leden van de coöperatie”, vertelt ze. Alle belanghebbenden wilden van dit gebied een bruisende plek maken. Al was de drijfveer voor iedereen anders. “Daar moest ik op inspelen. Het helpt dan als je dat ook doet in de taal van die andere partij.” Starten aan een creatieve plek is dus niet: ik wil iets, hoe kunnen we dat mogelijk maken? Het is eerder: waar komen onze belangen samen? “En dat is echt een andere manier van samenwerken en elkaars taal spreken. Dat kon ik niet alleen. Om van ontwerp naar realisatie te komen waren namelijk ook andere vaardigheden nodig. Mijn zus Bianca en Simone Panda vormden daarom samen met mij het bestuur van de coöperatie.”

Doe het samen
Ook het meenemen van de lokale gemeenschap in de plannen voor de plek is cruciaal. Niet alleen om klachten te voorkomen, maar ook omdat bewoners je misschien iets te bieden hebben. En andersom: de plek heeft ook iets voor hen. Charlotte: “Met het Hof kwamen we in contact met een lokale investeerder. Hij kocht uiteindelijk de grond van de gemeente, met de voorwaarde dat het Hof van Cartesius hier zou ontwikkelen. Ook maakten we de afspraak dat we het binnen vijf jaar van hem zouden overkopen. De investeerder gaf ons een lening voor de eerste gebouwen. Dat was een mooie blijk van vertrouwen en een belangrijke sleutel in onze financieringsmix.” Voor Charlotte hielp het dat ze de kar niet alleen hoefde te trekken, maar dat een coöperatie van leden met haar meetrokken: “Mijn belangrijkste tip aan anderen: vertrouw op de kracht van het collectief en ga samenwerken. Dan sta je veel sterker dan alleen.”
NYMA makersplaats, Nijmegen
Van tijdelijke werkplek naar vaste meerwaarde
Ook voor architect Bas de Vries begon zijn plan met een duidelijke wens. Samen met vrienden en creatief ondernemers Bauke Smit en Wimke van den Heuvel zocht hij een plek om te werken. Zo stuitte ze op de oude Honigfabriek, aan de kade van de Waal in Nijmegen. Het moest van de gemeente een tijdelijke creatieve smeltkroes worden. Uiteindelijk vestigde er zich 130 creatieve makers. Toen de Honigfabriek na acht jaar herontwikkeld werd, moesten de ondernemers op zoek naar een nieuwe plek. Dat werd het NYMA-terrein, op ongeveer een kilometer ten westen van de voormalige Honigfabriek. Bas: “Nu wilden we het anders doen en van blijvende waarde zijn voor de stad. En we wilden het pand als makers in eigendom. Niet alleen met ons drieën, maar met alle ondernemers die bij ons huren.”

Weet wat je (meer)waarde is
Hun waarden beschreven ze in een manifest. Dat manifest maakten Bas en de andere twee initiatiefnemers samen met andere creatieve ondernemers, vanuit de ondernemerscoöperatie NYMA. Zo kwamen ze goed beslagen ten ijs aan tafel bij de gemeente. Met de ambtenaren en andere stakeholders in de omgeving spraken ze over de gebiedsontwikkeling. Architectenbureau Eek en Dekkers maakte het ontwerp voor herontwikkeling. Bas: “Piet Hein Eek ontwikkelde al zo’n soortgelijk gebied in Eindhoven. Hij wist dus goed wat ervoor nodig is om zo’n project te laten slagen. Hij verkondigde onze waarden mét ons, als een ambassadeur.” In de totale makersplaats die hij samen met Iggie Dekkers ontwierp is uiteindelijk plek voor 250 makers.
Op dit moment is de eerste fase van het project klaar. De watertoren en de laatste twee gebouwen zijn nog in ontwikkeling. “Het is een lang proces. Je moet heel goed leren aanvoelen welke waarde voor welke partij belangrijk is. Een eigenaar van een pand kijkt bijvoorbeeld naar de lange termijn en het rendement, terwijl een vastgoedontwikkelaar juist wil weten wat jouw plannen op korte termijn teweeg brengen”, vertelt Bas. Het ontwikkelen van het NYMA-terrein als gelegenheidsontwikkelaar en zijn werk als architect voelde soms als twee banen in een. Hoe hield hij het vol? “Mijn tip is: geniet van het proces en sta soms ook eens bewust stil bij wat je al bereikt hebt. Dat geeft energie om weer met goede moed door te gaan.”

Zelf aan de slag?
Dit zijn de belangrijkste lessen van Charlotte en Bas op een rij:
- Zoek de gemene deler,
- Breng je waarde(n) in beeld (en dat is meer dan alleen geld),
- Bouw een community en gedeeld eigenaarschap op.
Spreker en ondernemer Rinske Brand (Brand – The Urban Agency) schreef het boek Hart hoofd handen - gids voor stadmakers. Hierin lees je waarom culturele en creatieve plekken essentieel zijn voor steden en hoe je de werelden van vastgoed, cultuur, overheid en lokale gemeenschap samen kunt brengen.
Dit artikel verscheen na een Brandstof-webinar met Rinske Brand (Brand – The Urban Agency) en initiatiefnemers Bas de Vries (NYMA Makersplaats) en Charlotte Ernst (Hof van Cartesius). Wil je ook deelnemen aan een online sessie over creatief ondernemerschap? Houd onze agenda in de gaten.
-
Stuur een e-mail naar Faye Holdert faye@cultuur-ondernemen.nl -
Bekijk de LinkedIn pagina van Faye Holdert