Skip naar content
Skip naar content

Ervaringsverhaal Hoe een virtual reality-ervaring over psychose een plek én financiering vond in de zorg- en cultuursector

Wat gebeurt er in het hoofd van iemand in een psychose? Voor kunstenaar Jennifer Kanary kreeg die vraag een diepe persoonlijke lading toen haar schoonzus in 2005 overleed in een toestand van psychose. Die gebeurtenis vormde het startpunt van een langdurig artistieke zoektocht: hoe kun je iets dat zo innerlijk en ongrijpbaar is, op ethische wijze, toch zichtbaar en invoelbaar maken? Dat leidde uiteindelijk tot een virtual reality-ervaring die de subjectiviteit van een psychose metaforisch nabootst. In dit artikel lees je hoe het lukte om vanuit de culturele sector een sterke positie te creëren in de zorg.

Steeds meer culturele organisaties werken samen met andere sectoren, zoals zorg of wetenschap. Financiering voor dit soort domein overstijgende initiatieven komt nu vooral uit de cultuursector. Dat kan anders: als alle betrokken domeinen meebetalen, wordt de samenwerking eerlijker en sterker. In dit artikel lees je een praktijkvoorbeeld van een organisatie die hiermee bezig is.

Succesvol starten is geen garantie voor duurzaam doorgroeien

“Vóór mijn promotietraject deed ik artistiek onderzoek naar de manifestatie van gedachten. Hoe ziet een gedachte eruit? Na het overlijden van mijn schoonzus richtte mijn PhD onderzoek zich op de vraag: Hoe kan een gedachte zo krachtig worden, dat het in staat is om het lichaam dat het voortbrengt te vernietigen? Psychose wordt namelijk vaak als een gedachtenstoornis omschreven.” In eerste instantie kreeg Jennifers werk vorm als labyrintische installaties waarin bezoekers zich bewogen als gedachten in een psychotisch brein. Ze bouwde een van deze labyrinten, Intruder 2.0, samen met het publiek in Museum van de Geest Het Dolhuys.

Foto Jennifer Kanary
Jennifer Kanary

“Het museum wees mij op een andere psychose simulatie ervaring. Het doel van mijn thesis werd hiermee helder: psychose simulaties vergelijken met biografische omschrijvingen van psychose en onderzoeken hoe kunst een rol kon spelen in het overbruggen van de verschillen. Ik stuurde Janssen-Cilag, een farmaceutisch dochterbedrijf van Johnson & Johnson, een verzoek om meer informatie; zij hadden immers de ontwikkeling van een andere simulatie ondersteund. Ze nodigden me uit voor een ontmoeting. Na de ontmoeting hadden ze interesse in de kennis die ik aan het ontwikkelen was en wilden ze me helpen om het te realiseren.”

Beeld uit de simulatie.
Beeld uit de simulatie

Voor Jennifer betekende dat een enorme sprong: haar werk werd ineens onderdeel van een groter, domeinoverstijgend geheel waarin kunst, wetenschap en technologie samenkwamen. Met steun van Janssen-Cilag werd een consortium gevormd met het Fonds Psychische Gezondheid (WijZijnMind), en de Johnson & Johnson Citizenship Trust. In totaal werd er ongeveer €360.000 euro beschikbaar gesteld voor een traject van drie tot vier jaar. “Ik leerde met de hulp van een medewerker van Janssen meer te denken als een bedrijf. In mijn eerste begroting rekende ik bijvoorbeeld €17 per uur, en ze drongen erop aan dat ik ten minste €30 zou rekenen.” Met de bijdrage van de Trust kon ze het project inhoudelijk en technisch doorontwikkelen met volledige artistiek vrijheid, mits ze voldeed aan een aantal deliverables: het ontwikkelen van een artistiek draagbare psychose simulatie met een VR bril en een labyrintische psychose installatie die mobiel en herhaaldelijk inzetbaar was.

“Het consortium werd een partner die niet alleen financiering bood, maar die mij ook toegang gaf tot een internationaal netwerk en andere vormen van expertise.” Na de lancering van de simulatie heeft Janssen haar nog jarenlang ingehuurd, maar er was een kwetsbaarheid. “Ik was te afhankelijk van Janssen. Gelukkig begon ik algauw zelf een netwerk van opdrachtgevers te bouwen. Toen Janssen plots besloot om me niet meer in te huren was ik er klaar voor. Ze zijn er niet heel transparant over geweest. Ik heb mijn vermoedens, maar met zo’n groot bedrijf weet je het nooit. Ik heb nog steeds fijn contact met ze en heb hen nog gekoppeld aan Stichting Open Mind voor een project over depressie.” Er dienden zich daarnaast ook andere uitdagingen aan; “We werkten met een prototype dat niet schaalbaar was, dus er moest een nieuwe komen. Maar omdat we geen winstoogmerk hadden en de afnemers geen grote budgetten hebben, hadden we onvoldoende middelen voor doorontwikkeling.”

Beeld uit de simulatie
Beeld uit de simulatie

Investeer niet alleen in je project, maar ook in jezelf

Het vinden van nieuwe financiering bleek allesbehalve eenvoudig, omdat richtlijnen en subsidieaanvragen binnen de culturele sector destijds enkel waren ingericht op nieuwe projecten en niet op doorontwikkeling. Ook waren er hobbels met een aantal developers. Jennifer ging op zoek naar manieren om zichzelf professioneel te versterken en kwam terecht bij de THNK School of Creative Leadership in Amsterdam. Het gaf haar toegang tot kennis en vaardigheden die in de kunstwereld minder vaak centraal staan: leiderschap, pitchen, branding, marketing en het bouwen van een schaalbaar businessmodel. “Ze hielpen me te realiseren dat ik mijn werk structureel onderwaardeerde. Zo vertelde een business coach dat mijn tarief ten minste €150 per uur zou moeten zijn. Ook hielpen ze me om het schalen van het project als een nieuw kunstwerk te zien.” De inzichten die ze daar opdeed hielp haar met het meedoen aan een accelerator programma. Het leidde tot een investeringsaanbod, dat ze uiteindelijk moest loslaten; voor een relatief klein bedrag moest ze de helft van haar eigenaarschap opgeven. “Daar heb ik bewust ‘nee’ tegen gezegd om te voorkomen dat ik zou afdwalen van mijn missie.” Al deze ervaringen veranderden haar blik op prijsstelling en positionering.

Ze vond uiteindelijk een match bij Stichting Doen, die niet alleen aandacht heeft voor culturele belangen, maar ook voor sociale ondernemingskwaliteiten. Met hun hulp ontwikkelde ze de schaalbare Anoiksis Experience, die sneller meer mensen bereikt en minder kostbaar is voor de GGZ. De nieuwe simulatie wordt momenteel getest. Jennifers grootste trots is dat haar werk wereldwijd ingezet kan worden door ervaringsdeskundigen in hun eigen workshops. Dat was één van de voorwaarden voor de steun van Stichting Doen, naast het oprichten van een stichting: stichting Roomforthoughts.

Blijf je aanbod ontwikkelen om relevant te blijven

Stichting Roomforthoughts heeft met het project Labyrinth Psychotica zichzelf over de jaren heen steeds steviger gepositioneerd buiten de kunstsector. Sinds 2012 geeft Jennifer workshops voor GGZ-instellingen, politie, justitie en gemeenten. In plaats van zich te richten op een cultureel publiek, heeft haar ze aanpak vertaald naar de praktijk van deze professionals. Door aan te sluiten bij hun vragen, taal en werkwijzen krijgt het artistieke onderzoek een duidelijke plek binnen hun leefwereld. Daarmee heeft Roomforthoughts een plek verworven in een domein waar kunst niet vanzelfsprekend is, maar wel aantoonbare meerwaarde biedt. Inmiddels is haar werk in meer dan 20 landen geweest en heeft het een bijdrage geleverd aan de gedachtenwereld van meer dan 25.000 professionals.

Politieagent kijkt door VR-bril
Politieagent ervaart de simulatie tijdens een workshop

Opvallend is dat ze zich nauwelijks bezighoudt met acquisitie. Opdrachten ontstaan grotendeels via mond-tot-mondreclame, wat laat zien dat de aanpak niet alleen opvalt, maar ook daadwerkelijk landt bij opdrachtgevers. Tegelijkertijd brengt dit ook veel onzekerheid met zich mee: de inkomsten zijn onvoorspelbaar en afhankelijk van vraag die zich aandient. Momenteel presenteert ze haar kunst binnen een workshop met de psychose simulatie met een vaste prijs van €950,- voor een dagdeel van vier uur. Het is zoeken naar balans voor wat nodig is, in een markt die niche is. Hiermee houdt Jennifer rekening met de beperkte budgetten van de GGZ, maar de inkomsten zijn niet voldoende om zonder subsidie te kunnen groeien. Als de nieuwe simulatie gelanceerd wordt, zou een nieuw businessmodel daar verandering in kunnen brengen. In die ontwikkeling houdt ze rekening met het spanningsveld tussen artistieke inhoud, functie, en de missie.

Het praktijkvoorbeeld van Jennifer Kanary en Roomforthoughts laat zien dat domeinoverstijgend financieren naast samenwerken ook draait om het opbouwen van een duurzame positie in een ander domein. Het kan zeer kwetsbaar zijn om afhankelijk te zijn van één grote partner. Door het werk te vertalen, een relevant netwerk op te bouwen en de eigen waarde helder te positioneren, heeft ze een grotere doelgroep gevonden buiten de culturele sector. Tegelijkertijd benadrukt het de noodzaak om je ondernemerschap te blijven ontwikkelen, zodat je relevant blijft voor je doelgroep en de financieringsmix toekomstbestendig houdt.